Test rapporten van massa kachels
Geplaatst: 31 okt 2013, 12:15
Afgelopen maandag, 28 oktober 2013, heb ik bij Gijs in Slijk-Ewijk een finoventje gemeten. Het is een De Twaalf Ambachten model, maar er is een Brunner deurtje in gemonteerd. Voor zover ik weet heeft DTA nooit andere deurtjes gebruikt dan die door de plaatselijke smid zijn gemaakt. Het is mogelijk dat het ding is gebouwd door Jan Krajenbrink uit Eibergen, de oorspronkelijke ontwerper van deze finoven. Gijs weet ook niet zeker wie hem gebouwd heeft omdat hij deze kachel tweedehands heeft gekocht van iemand uit Friesland.
Maar afijn, al het andere aan het ding wijst onverkort naar de DTA finoven. De buitenkant bestaat uit witte geglazuurde tegels met witte cement tussen de voegen. De tegels zijn niet vlak en een beetje hobbelig, boerentegels dus, en de bovenplaat bestaat uit twee delen met een naad midden over van voor naar achter. Helaas geen foto, maar misschien kan Gijs daar nog voor zorgen?
De gevolgde stook methode is niet wat DTA adviseert maar wat Gijs zelf gewend is om te doen. Op deze manier kon hij zelf een beeld krijgen wat zijn manier oplevert. Het deurtje is laag en breed wat de DTA methode vrijwel onmogelijk maakt. Die methode behelst de kachel volstapelen en bovenop aansteken.
De kachel was nog warm van de vorige avond en we zijn begonnen met wat aanmaakhout. Toen dat flink brandde zijn er stukken eikenhout op gegaan, naar schatting 4 kilo of iets meer. De vochtigheid van de brandstof lag tussen de 15% en 20%. De meting is gestart toen de rest zuurstof in de rookgassen lager werd dan 20%, het einde houd ik altijd aan op een niveau van tenminste lager dan 4% CO2. Op deze manier zijn de kachels allemaal onderling vergelijkbaar, en dat is waar het mij hier om gaat. Dit kan aangemerkt worden als een slechte stook, maar niet over de volle lengte. Door de harde wind trok de kachel als een lier, wat maakte dat alle hout tegelijk ging branden. Met erg veel productie van houtgas en geen erg hoge temperatuur in het binnenste kan niet alles verbrand worden en dus ging de CO door het dak, zie de paarse lijn. Dat bleef niet zo, bij 20 minuten zette een definitief herstel door en vanaf daar ging het aardig maar niet echt goed. Om een idee te geven van de gemiddelden en hoogste en laagste waarden hier de getallen.
Gemiddeld: O2 12,8%, eff. 72,3%, CO 3286 ppm, Tr 262 C.
Maximum: O2 19,9%, eff. 87,2%, CO 51000 ppm, Tr 343 C.
Minimum: O2 5,4%, eff. 34%, CO 270 ppm, Tr 80 C.
Niet om over naar huis te schrijven, als er een paar waarden uitgelicht worden klinkt het misschien wel beter maar aan de resultaten verandert dat niets. Het gemiddeld rendement is OK maar niet hoog, gemiddeld CO zou bij voorkeur niet meer dan 1500 ppm moeten zijn en de temperatuur is beslist aan de hoge kant. De witte voor-filter van de Testo was definitief zwart.
Op het einde van deze run hadden we een hete kachel en een hoopje gloeiende houtskool. Het is te verleidelijk om dan niet met wat kleine aanpassingen het nog eens te proberen. Dus werd de filter vervangen door een verse en de kachel opnieuw beladen, deze keer met wat grover hout, ook eiken. Kennelijk was met die harde wind te veel lucht naar binnen gezogen dus werd voor een kleinere lucht inlaat gekozen. Dat leverde een stuk rustiger vlam beeld op, het ging nu niet meer in galop maar met rustig rond dwarrelende vlammen. Op het eerste gezicht leek dat te weinig lucht maar de Testo was het er niet mee eens. Dit was een heel ander verhaal. De CO piekte aan het begin scherp, herstelde zich in 2 minuten en ging vervolgens op een rustige en weinig spectaculaire manier verder. De indruk die het geheel gaf was dat dit wel eens de bedoeling geweest kon zijn. Niet dat het uitmunted is, maar gewoon wel goed. De filter van de Testo kwam er nu licht grijs uit, een teken dat de meeste roet deeltjes wel verbrand waren. De cijfers geven een wat compacter beeld.
Gemiddeld: O2 13%, eff. 71,0%, CO 985 ppm, Tr 280 C.
Maximum: O2 18,8%, eff. 85,1%, CO 4432 ppm, Tr 310 C.
Minimum: O2 7,8%, eff. 34,3%, CO 248 ppm, Tr 211 C.
Merk op dat de eind temperatuur nu lager is dan bij de eerste stook. Kennelijk heeft de kachel door de trager stromende gassen meer van de warmte op kunnen nemen. Ondanks het feit dat het geheel intern veel heter was. Kortom, met wat aanpassingen van het stook gedrag en met eerst een klein stookje om de interne temperatuur wat op te vijzelen kunnen goede resultaten met deze kachel behaald worden. Niet de top van wat tegenwoordig mogelijk is maar gewoon helemaal niet slecht.
Maar afijn, al het andere aan het ding wijst onverkort naar de DTA finoven. De buitenkant bestaat uit witte geglazuurde tegels met witte cement tussen de voegen. De tegels zijn niet vlak en een beetje hobbelig, boerentegels dus, en de bovenplaat bestaat uit twee delen met een naad midden over van voor naar achter. Helaas geen foto, maar misschien kan Gijs daar nog voor zorgen?
De gevolgde stook methode is niet wat DTA adviseert maar wat Gijs zelf gewend is om te doen. Op deze manier kon hij zelf een beeld krijgen wat zijn manier oplevert. Het deurtje is laag en breed wat de DTA methode vrijwel onmogelijk maakt. Die methode behelst de kachel volstapelen en bovenop aansteken.
De kachel was nog warm van de vorige avond en we zijn begonnen met wat aanmaakhout. Toen dat flink brandde zijn er stukken eikenhout op gegaan, naar schatting 4 kilo of iets meer. De vochtigheid van de brandstof lag tussen de 15% en 20%. De meting is gestart toen de rest zuurstof in de rookgassen lager werd dan 20%, het einde houd ik altijd aan op een niveau van tenminste lager dan 4% CO2. Op deze manier zijn de kachels allemaal onderling vergelijkbaar, en dat is waar het mij hier om gaat. Dit kan aangemerkt worden als een slechte stook, maar niet over de volle lengte. Door de harde wind trok de kachel als een lier, wat maakte dat alle hout tegelijk ging branden. Met erg veel productie van houtgas en geen erg hoge temperatuur in het binnenste kan niet alles verbrand worden en dus ging de CO door het dak, zie de paarse lijn. Dat bleef niet zo, bij 20 minuten zette een definitief herstel door en vanaf daar ging het aardig maar niet echt goed. Om een idee te geven van de gemiddelden en hoogste en laagste waarden hier de getallen.
Gemiddeld: O2 12,8%, eff. 72,3%, CO 3286 ppm, Tr 262 C.
Maximum: O2 19,9%, eff. 87,2%, CO 51000 ppm, Tr 343 C.
Minimum: O2 5,4%, eff. 34%, CO 270 ppm, Tr 80 C.
Niet om over naar huis te schrijven, als er een paar waarden uitgelicht worden klinkt het misschien wel beter maar aan de resultaten verandert dat niets. Het gemiddeld rendement is OK maar niet hoog, gemiddeld CO zou bij voorkeur niet meer dan 1500 ppm moeten zijn en de temperatuur is beslist aan de hoge kant. De witte voor-filter van de Testo was definitief zwart.
Op het einde van deze run hadden we een hete kachel en een hoopje gloeiende houtskool. Het is te verleidelijk om dan niet met wat kleine aanpassingen het nog eens te proberen. Dus werd de filter vervangen door een verse en de kachel opnieuw beladen, deze keer met wat grover hout, ook eiken. Kennelijk was met die harde wind te veel lucht naar binnen gezogen dus werd voor een kleinere lucht inlaat gekozen. Dat leverde een stuk rustiger vlam beeld op, het ging nu niet meer in galop maar met rustig rond dwarrelende vlammen. Op het eerste gezicht leek dat te weinig lucht maar de Testo was het er niet mee eens. Dit was een heel ander verhaal. De CO piekte aan het begin scherp, herstelde zich in 2 minuten en ging vervolgens op een rustige en weinig spectaculaire manier verder. De indruk die het geheel gaf was dat dit wel eens de bedoeling geweest kon zijn. Niet dat het uitmunted is, maar gewoon wel goed. De filter van de Testo kwam er nu licht grijs uit, een teken dat de meeste roet deeltjes wel verbrand waren. De cijfers geven een wat compacter beeld.
Gemiddeld: O2 13%, eff. 71,0%, CO 985 ppm, Tr 280 C.
Maximum: O2 18,8%, eff. 85,1%, CO 4432 ppm, Tr 310 C.
Minimum: O2 7,8%, eff. 34,3%, CO 248 ppm, Tr 211 C.
Merk op dat de eind temperatuur nu lager is dan bij de eerste stook. Kennelijk heeft de kachel door de trager stromende gassen meer van de warmte op kunnen nemen. Ondanks het feit dat het geheel intern veel heter was. Kortom, met wat aanpassingen van het stook gedrag en met eerst een klein stookje om de interne temperatuur wat op te vijzelen kunnen goede resultaten met deze kachel behaald worden. Niet de top van wat tegenwoordig mogelijk is maar gewoon helemaal niet slecht.