Nadelen aan mijn Attack houtvergasser (met oplossingen!)
Geplaatst: 28 jan 2013, 21:59
Ik heb nu enkele jaren een Attack Dp profi 35 kW houtvergasser.
Deze houtvergasser stoken levert niet alleen voordelen op. Er zijn ook andere kanten aan.
Welke nadelen kleven er aan mijn houtvergasser?
Samenvattend: (wanneer je geen zin hebt om alles te lezen)
-Deze houtvergasser geeft een behoorlijke verbrandingsgeur af, die hinderlijk kan zijn (zeker het eerst 1,5 uur van de stooksessie).
-Ook de grote rookpluim kan hinderlijk zijn, wanneer deze neerslaat wegens de weersomstandigheden;
-Het rendement kon beter door een (1)betere warmtewisselaar, (2) inlaatplaats primaire lucht anders, (3) toepassen van een lambdaregeling en regelbare luchtkleppen, (4) betere ketelisolatie, (5) betere ketelregeling nadat de stook beëindigd is.
Laat ik beginnen bij de schoorsteen.
35 kW geeft een behoorlijke pluim, die voornamelijk uit waterdamp bestaat. Eén en ander in natuurlijk afhankelijk van de buitentemperatuur.
Maar die rookgassen kunnen een behoorlijk scherpe lucht hebben. Dit is in ieder geval inherent aan het type vergasser. Ik weet niet of andere vergassers ook scherp ruiken? Ik ruik deze geur in ieder geval ook wel elders in mijn woonplaats.
Opstart van de vergasser kan flink geurhinder en overlast geven. Mijn vergasser start op 70% vermogen op, dus ruim 24 kW. Voordat alles goed warm is, is ruim een half uur verstreken.
We dalen af naar de warmtewisselaar. De temperatuur van de rookgas na de warmtewisselaar zit rond 250°C.
Dat is veel teveel naar mijn gevoel. Ergens rond 150°C zou nog acceptabel zijn. Aanpassingen in de warmtewisselaar zijn niet echt te maken. Het is eigenlijk een heel simpele wisselaar.
Ander nadeel is de vervuiling van de warmtewisselaar. Elke week schoonmaken met staalborstel, anders stijgt de rookgastemperatuur weer een graad of 10-15 hoger. Schoonmaken is 15 minuten werk, maar is lastig te doen met een staalborstel op een stalen pin. Je kunt gewoon niet overal goed bij. Daarbij is het een stoffig en smerig werkje.
Over de 2e verbrandingskamer kan ik geen nadeel noemen. Is goed toegankelijk, makkelijk en eenvoudig te reinigen.
Hier wordt ook de as opgevangen die door de venturi valt. Schoonmaken voor elke stook is 1 minuutje werk.
De eerste verbrandingskamer en tegelijk vulruimte heeft wel nadelen. De primaire lucht wordt hoog aangevoerd, wat een geleidelijke vergassing van onder naar bovengelegen hout niet ten goede komt. Tenslotte brandt er overal hout.
De thermostatisch geregelde luchtklep levert zowel primaire als secundaire lucht. Via vast afgestelde kleppen wordt de hoeveelheid lucht inwendig doorgelaten. Dat komt vanzelf een complete vergassing niet ten goede.
Deze verbrandingsruimte is ook omgeven door ketelwater. Voordeel is de warmteopname, maar hierdoor ook veel roet- en creosoot-aanslag.
Stukken hout moeten ook van redelijk hetzelfde formaat zijn, anders geen goede vergassing. Te grote stukken in diameter remmen de vergassing, te smalle stukken boosten de vergassing. Dat laatste kan de warmtewisselaar echter niet aan.
Komen we aan de buitenzijde van de ketel. Deze heeft een beperkte isolatie van 3 cm. minerale wol.
Onderzijde geheel niet geïsoleerd, hoewel hier ook ketelwater aanwezig is. Achterzijde niet geïsoleerd.
Ik heb echter de onderzijde en één zijkant geïsoleerd met 11 cm glaswol.
Gevolg is echter dat de ketel in minder dan 20 uur afkoelt van 85°C naar 30-35°C. Ketelinhoud is 78 liter water. Daar verdwijnt dus dagelijks meer dan 5 kW. (aangezien de vuurvaste stenen en het ketelstaal ook warmte opslaan).
Daarnaast verspilt deze vergasser warmte nadat het vuur al uit is. De rookgasventilator blijft doordraaien totdat het ketelwater onder 65°C komt. Dus die warmte ventileer je allemaal weg.
En dat kan/zal ook warmte zijn die rechtstreeks uit je buffers komt!
Zijn er wel voordelen? Toch wel. De eenvoud van de vergasser maakt dat er eigenlijk weinig kapot kan. Hij mag op max. 4 bar druk werken (moet je niet doen, gewoon installeren met open expansievat. Dat stookt en slaapt veel prettiger)
Er is standaard een koelspiraal aanwezig.
Kun je een beetje met loodgieters/installatiewerk overweg, dan kun je deze vergasser goed zelf installeren.
En tenslotte de prijs. Die is heel scherp in verhouding tot andere fabrikanten van gelijksoortige ketels.
(De nieuwste versie (DPX) heeft al wel een aanpassing in de ketelbesturing op het uitbranden van de ketel. Daar is ook lambdaregeling een optie.
Maar dan is de prijsverhouding met andere ketels gelijk weer veel minder.)
Albert
Deze houtvergasser stoken levert niet alleen voordelen op. Er zijn ook andere kanten aan.
Welke nadelen kleven er aan mijn houtvergasser?
Samenvattend: (wanneer je geen zin hebt om alles te lezen)
-Deze houtvergasser geeft een behoorlijke verbrandingsgeur af, die hinderlijk kan zijn (zeker het eerst 1,5 uur van de stooksessie).
-Ook de grote rookpluim kan hinderlijk zijn, wanneer deze neerslaat wegens de weersomstandigheden;
-Het rendement kon beter door een (1)betere warmtewisselaar, (2) inlaatplaats primaire lucht anders, (3) toepassen van een lambdaregeling en regelbare luchtkleppen, (4) betere ketelisolatie, (5) betere ketelregeling nadat de stook beëindigd is.
Laat ik beginnen bij de schoorsteen.
35 kW geeft een behoorlijke pluim, die voornamelijk uit waterdamp bestaat. Eén en ander in natuurlijk afhankelijk van de buitentemperatuur.
Maar die rookgassen kunnen een behoorlijk scherpe lucht hebben. Dit is in ieder geval inherent aan het type vergasser. Ik weet niet of andere vergassers ook scherp ruiken? Ik ruik deze geur in ieder geval ook wel elders in mijn woonplaats.
Opstart van de vergasser kan flink geurhinder en overlast geven. Mijn vergasser start op 70% vermogen op, dus ruim 24 kW. Voordat alles goed warm is, is ruim een half uur verstreken.
We dalen af naar de warmtewisselaar. De temperatuur van de rookgas na de warmtewisselaar zit rond 250°C.
Dat is veel teveel naar mijn gevoel. Ergens rond 150°C zou nog acceptabel zijn. Aanpassingen in de warmtewisselaar zijn niet echt te maken. Het is eigenlijk een heel simpele wisselaar.
Ander nadeel is de vervuiling van de warmtewisselaar. Elke week schoonmaken met staalborstel, anders stijgt de rookgastemperatuur weer een graad of 10-15 hoger. Schoonmaken is 15 minuten werk, maar is lastig te doen met een staalborstel op een stalen pin. Je kunt gewoon niet overal goed bij. Daarbij is het een stoffig en smerig werkje.
Over de 2e verbrandingskamer kan ik geen nadeel noemen. Is goed toegankelijk, makkelijk en eenvoudig te reinigen.
Hier wordt ook de as opgevangen die door de venturi valt. Schoonmaken voor elke stook is 1 minuutje werk.
De eerste verbrandingskamer en tegelijk vulruimte heeft wel nadelen. De primaire lucht wordt hoog aangevoerd, wat een geleidelijke vergassing van onder naar bovengelegen hout niet ten goede komt. Tenslotte brandt er overal hout.
De thermostatisch geregelde luchtklep levert zowel primaire als secundaire lucht. Via vast afgestelde kleppen wordt de hoeveelheid lucht inwendig doorgelaten. Dat komt vanzelf een complete vergassing niet ten goede.
Deze verbrandingsruimte is ook omgeven door ketelwater. Voordeel is de warmteopname, maar hierdoor ook veel roet- en creosoot-aanslag.
Stukken hout moeten ook van redelijk hetzelfde formaat zijn, anders geen goede vergassing. Te grote stukken in diameter remmen de vergassing, te smalle stukken boosten de vergassing. Dat laatste kan de warmtewisselaar echter niet aan.
Komen we aan de buitenzijde van de ketel. Deze heeft een beperkte isolatie van 3 cm. minerale wol.
Onderzijde geheel niet geïsoleerd, hoewel hier ook ketelwater aanwezig is. Achterzijde niet geïsoleerd.
Ik heb echter de onderzijde en één zijkant geïsoleerd met 11 cm glaswol.
Gevolg is echter dat de ketel in minder dan 20 uur afkoelt van 85°C naar 30-35°C. Ketelinhoud is 78 liter water. Daar verdwijnt dus dagelijks meer dan 5 kW. (aangezien de vuurvaste stenen en het ketelstaal ook warmte opslaan).
Daarnaast verspilt deze vergasser warmte nadat het vuur al uit is. De rookgasventilator blijft doordraaien totdat het ketelwater onder 65°C komt. Dus die warmte ventileer je allemaal weg.
En dat kan/zal ook warmte zijn die rechtstreeks uit je buffers komt!
Zijn er wel voordelen? Toch wel. De eenvoud van de vergasser maakt dat er eigenlijk weinig kapot kan. Hij mag op max. 4 bar druk werken (moet je niet doen, gewoon installeren met open expansievat. Dat stookt en slaapt veel prettiger)
Er is standaard een koelspiraal aanwezig.
Kun je een beetje met loodgieters/installatiewerk overweg, dan kun je deze vergasser goed zelf installeren.
En tenslotte de prijs. Die is heel scherp in verhouding tot andere fabrikanten van gelijksoortige ketels.
(De nieuwste versie (DPX) heeft al wel een aanpassing in de ketelbesturing op het uitbranden van de ketel. Daar is ook lambdaregeling een optie.
Maar dan is de prijsverhouding met andere ketels gelijk weer veel minder.)
Albert