Een update:
Inmiddels is de ketel binnen, locatie van de ketel en buffer bepaald. Na wat onderling overleg besloten om de 80 liter boiler waarschijnlijk te vervangen door een tapwaterspiraal in de grote buffer. Allemaal niet wereldschokkend, maar het is een heel proces om tot een weloverwogen keuze te komen.
Het hydraulische schema:
Het systeem is uitgevoerd met twee ketels in spiegelbeeld. De bestaande gasketel blijft in stand teneinde het warme tapwater in het woongebouw te verzorgen, en als backup voor woningverwarming
Te beginnen bij de Defro, die is niet geschikt voor een gesloten installatie. De aanwezigheid van de interne spiralen van de grote buffertank wordt gebruikt om het houtketel gedeelte als open systeem uit te voeren. Om een minimale ketelwatertemperatuur te handhaven, is gekozen voor een Laddomat. De twee spiralen worden buiten de tank doorverbonden. Kleine omissie in de tekening is de bodemaansluiting van het openexpansievat, die moet net voor de Laddomat en na de uitgang van de buffer komen.
De pomp die bij de ketel zat blijkt een Magna 25-60 te zijn, die niet elektronisch door de ketel wordt aangestuurd. Beetje zonde, de Laddomat heeft al een pomp(P1), dus die Magna (als P2)is beter op zijn plek in het VV circuit.
De defro warmt dus indirect de 1000 l buffer op, dit werkt door de extra delta T van de spiralen tevens mee aan een niet te lage keteltemperatuur. Bij stroomuitval zal de Laddomat gebruik maken van het thermosyfonprincipe. Zo is de buffer de eerste noodkoeling, en het open expansievat de tweede.
In de 1000 l buffer is een duimse RVS spiraal opgenomen die voor warm tapwater in het garagegebouw zorgt. Dit wordt gebruikt voor een (stort) douche en voor het vullen van de in de toekomst te plaatsen jacuzzi. Nog niet getekend is een thermostatische mengklep die het tapwater begrenst tot max 38 graden.
Parallel aan de 1000 l buffer staat er een van 500 l. Die wordt op drie plaatsen zonder pomp doorverbonden aan de grote buffer. Door de thermosyfonwerking zal deze kleinere buffer het temperatuursverloop van de grotere buffer volgen, en omgekeerd. Dit is gedaan om de relatief grote flow van het VV circuit niet te zeer de gelaagdheid van de grote buffer te laten beïnvloeden.
Bovenaan de 2e buffer wordt heet water afgenomen via mengklep Mk1. Deze mixt de aanvoer met de retour tot een stabiele temperatuur van 40 graden, evenals de huidige gasketel nu doet.
De twee ketels kunnen elkaar niet beïnvloeden door de terugslagkleppen, er zal voor woningverwarming steeds 1 warmtegever in bedrijf zijn.
Ten bate van de nog te plaatsen jacuzzi is er een aftakking op de grote buffer gemaakt die heet water aan een zwembadwisselaar (WW3) levert. Deze flow wordt hydraulisch geregeld met een mengklep met voeler op het uitgaande badwater, en een inregelkraan.
rsz_ed_onaangepast_001.jpg
De besturing:De huidige gasketel wordt door eindcontacten van de 16 vloerkringkleppen aangestuurd en is begrenst op maximaal 40 graden.
Zolang de buffer voldoende temperatuur heeft schakelt Th1 middels een wisselcontact een 24 V relais aan, welk de stuurstroom in de gasketel onderbreekt. Is de buffer te koud, dan wordt de gasketel vrij gegeven.
Ik zie nu dat schakelaar S1 per ongeluk in het 230 V circuit terecht is gekomen. Die was bedoeld voor Th1, als zijnde de eindcontact schakelaar van de VV.
De Defro brander wordt intern gestuurd door een opnemer op de buffer(abusiveliijk te zien als S1). De Laddomat wordt aangestuurd door de ketel- en rookgasthermostaat.
De CV pomp voor jacuzzi / zwembadverwarming wordt aangestuurd door een thermostaat op de aanvoer naar het bad terug. Zo is er zowel een elektrische en een thermische beveiliging tegen te heet water. De aanvoer is van de grote buffer geprojecteerd om uit oogpunt van hygiëne een zo groot mogelijke delta T te creëren, welke ook een thermische desinfectie van het badwater bewerkstelligt. Inpassing op het watersysteem van het bad zelf is pas te geven wanneer de specs daarvan bekend zijn.
Uiteraard is het een en ander nog uit te breiden met keuzeschakelaars en indicatielampjes. Ook kan nog overwogen worden pompschakelaars in te passen.
Meest belangrijk is het ontwerpen van een zeer veilige, overzichtelijke installatie met een minimum verbruik aan pompen en besturing. Hetgeen ook minder aanleiding tot (complexe) storingen moet zijn.
rsz_ed_onaangepast_002.jpg
Groet, Cp